Zo comfortabel, remake, SirOJ, Jiggy Djé, Wudstik, Elijaz, Sterre , JAEL, JONES, Sim Fane

Zo comfortabel

Zo comfortabel

GESCHREVEN DOOR Miguell Kaidel OP 29 juli 2022. GEPOST IN NIEUWS

Zo comfortabel, remake, SirOJ, Jiggy Djé, Wudstik, Elijaz, Sterre , JAEL, JONES, Sim Fane

Begin deze week plaatste acteur en muzikant Joenoes Polnaija een collage op social media. Een groepje foto’s van precies 25 Molukse jongeren in de bloei van hun leven. De foto’s waren genomen tijdens de clipshoot van het nummer ‘Zo Comfortabel’, gemaakt door een aantal toonaangevende Molukse artiesten. Zelf was ik ook aanwezig bij deze clipshoot. Met eigen ogen zag ik hoe Molukse jongeren het stokje over weten te nemen van de oudere generatie.

Na twaalf jaar een remake

‘Zo Comfortabel’ is een remake van de track ‘Comfortabel’ die in 2010 uitkwam. Het origineel is afkomstig van het eerste soloalbum ‘Goed Ontmoet’ van producer SirOJ (Joris Titawano). Doordat SirOJ een unieke samenwerking aanging met twee andere Molukse artiesten – Jiggy Djé (Vincent Patty) en Wudstik (Jermain van der Bogt) – groeide ‘Comfortabel’ uit tot een ware Molukse evergreen. 
 
Of SirOJ twaalf jaar geleden had verwacht dat er in 2022 een remake gemaakt zou worden van deze track betwijfel ik. Toch is dit wel gebeurd, want zo sta ik op een zomerse maandagochtend om de hoek van het Leidseplein in hartje Amsterdam. Alle horecagelegenheden zijn dicht, op één club na. Kleine groepjes Molukse jongeren vullen de straat en converseren uitbundig met elkaar, pal voor de ingang van die ene club.

De clipshoot

Eenmaal binnen blijkt dat de clipshoot van ‘Zo Comfortabel’ in volle gang is. De drie artiesten uit 2010 zijn aanwezig, evenals Elijaz (Eli Latumahina), Sterre (Sterre Tapilatu), JAEL (Giovanni Jano), JONES (Joenoes Polnaija) en producer Sim Fane (Sam Lawalata), die allen een bijdrage hebben geleverd aan de remake. De set wordt aangevuld met Molukse figuranten afkomstig uit heel het land. Onder hen bevinden zich ‘de 25’ van de collage van Joenoes. 

LEES VERDER ONDER DE FOTO’S
  • Zo comfortabel, remake, SirOJ, Jiggy Djé, Wudstik, Elijaz, Sterre , JAEL, JONES, Sim Fane

    Photos by Raoul Laisina / @XAOUX

  • Zo comfortabel, remake, SirOJ, Jiggy Djé, Wudstik, Elijaz, Sterre , JAEL, JONES, Sim Fane

    Photos by Raoul Laisina / @XAOUX

  • Zo comfortabel, remake, SirOJ, Jiggy Djé, Wudstik, Elijaz, Sterre , JAEL, JONES, Sim Fane

    Photos by Raoul Laisina / @XAOUX

Photos by Raoul Laisina / @XAOUX

Wat mij opvalt is de wisselwerking tussen jong en oud. Jiggy Djé en Wudstik moeten duidelijk wennen aan de luidruchtige Molukse crowd, maar na een korte tijd ontdooien zij. Er wordt gelachen en er worden foto’s gemaakt. Er wordt kennis gedeeld en er wordt gewerkt. Wat de groep verbindt is naast hun Molukse roots vooral de positiviteit die zij uitstralen. 

“Zonder toen, geen nu. Zonder nu, geen toekomst”

Terug naar de collage van Joenoes. “Zonder toen, geen nu. Zonder nu, geen toekomst”, schrijft hij onder zijn post. Woorden die ook van betekenis zijn bij mijn werkzaamheden bij Museum Maluku, en in het bijzonder rondom het project met de vierde generatie. De verhalen van het verleden gebruiken om een vruchtbare bodem te creëren voor de toekomstige generatie. En met het ‘verleden’ bedoel ik niet alleen de periode ‘50/’51, maar zeker ook de verhalen van ver vóór, en ver ná die tijd.  
 
De clipshoot van ‘Zo Comfortabel’ was voor mij persoonlijk een mooi voorbeeld van hoe een samenwerking tussen Molukkers van verschillende achtergronden en leeftijden zou moeten zijn. Ik kan me voorstellen dat het maken van de track in de studio minstens zo inspirerend moet zijn geweest. Het nummer is inmiddels te vinden op alle streamingsdiensten, waaronder Spotify. De clip is hieronder te zien en op het kanaal van Noahs Ark op YouTube. 

En de collage met ‘de 25’? Dat zou uiteindelijk de artwork van ‘Zo Comfortabel’ worden. 

Redactie
Miguell Kaidel

Vodcast: Molukse jongeren in de 90s, Museum Maluku

VODCAST: MOLUKSE JONGEREN IN DE 90’S

Lees meer


Maju Mundur, Duo Interviews, Museum Maluku

Het concept achter Maju Mundur

Lees meer

Lees verder

In gesprek met prof.dr. Fridus Steijlen, afscheidslezing, Museum Volkenkunde

In gesprek met prof.dr. Fridus Steijlen

In gesprek met prof.dr. Fridus Steijlen

GESCHREVEN DOOR REDACTIE MHM OP 27 juli. GEPOST IN NIEUWS

Op donderdag 7 juli 2022 nam prof.dr. Fridus Steijlen vanwege zijn pensionering afscheid als senior onderzoeker aan het KITLV en bijzonder hoogleraar Molukse Migratie en Cultuur in Comparatief Perspectief aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Ter gelegenheid van zijn afscheid werd er een afscheidssymposium georganiseerd in Museum Volkenkunde in Leiden. Voorafgaand aan deze afscheidslezing ging Museum Maluku in gesprek met de pensionaris.

Een diepte interview met prof. dr. Fridus Steijlen

In uw rijke carrière als academicus heeft u voornamelijk onderzoek gedaan binnen en buiten de contouren van de Molukse gemeenschap in Nederland. U heeft daarbij veel kennis vergaard en gedeeld waardoor u als autoriteit beschouwd kan worden op het gebied van Moluks-Nederlandse relaties. Dit resulteerde uiteindelijk ook in uw benoeming als eerste hoogleraar Molukse Migratie en Cultuur aan de Vrije Universiteit Amsterdam en uw positie als leerstoel voor Museum Maluku. Is het voor u vanzelfsprekend geweest om u in te zetten voor de Molukse gemeenschap zoals u in uw carrière gedaan heeft? In andere woorden, denkt u dat er connecties te leggen zijn tussen uw coming of age in links Amsterdam en uw latere carrière verloop?

Ik studeerde antropologie en werd door een Molukse vriend van mij (David Berhitu) erop gewezen dat er bevolkingsgroepen zijn die een eigen geschiedenis hebben en die op een speciale wijze naar Nederland zijn gekomen. Dit gesprek was in 1976, een tijd voordat Nederland echt multicultureel werd. Dit leidde tot een gesprek met David over hoe Molukkers naar Nederland zijn gekomen. Dat had alles met de dekolonisatie van Indonesië te maken. Ik kwam toen op een punt dat ik dacht, daar heb ik ook mee te maken; “Ik moet daar iets mee.” Het was namelijk ook deel van de Nederlandse geschiedenis. Als er spanningen zijn – zoals in ’76 na de eerste treinkaping – dan is het een kwestie om daar samen uit te komen. David was lid van de Gerakan Pattimura en zij stonden open voor participatie van Nederlanders. Zo ben ik lid geworden van de Gerakan Pattimura.

De Gerakan Pattimura een kritische, linkse organisatie die zich de vraag stelden of je de RMS wel vanuit Nederland moest exporteren naar de Molukken toe, of dat je niet beter moet vechten voor vrijheid van meningsuiting op de Molukken zodat mensen daar zelf kunnen beslissen. Ik ben hierbij actief betrokken geraakt en ben me uiteindelijk gaan specialiseren op Indonesië, omdat we die kennis nodig hadden. Het is dus niet zo dat ik in een links klimaat zat en daarom betrokken raakte bij een Molukse organisatie, maar het was een meer algemeen tendens wat voor mij in die richting uitliep. Die vanzelfsprekendheid om mij in te zetten voor de Molukse gemeenschap zat er dus niet per se in, maar ik denk dat het meer te maken heeft gehad met engagement en ideologie. Dat was in die tijd anders dan tegenwoordig.

Dat betekent dat ik eigenlijk begon als participant binnen Gerakan Pattimura, en als lid ben ik mij gaan oriënteren op Indonesië en Molukkers in Nederland. Dat laatste eigenlijk niet eens oriënteren, maar ik was gewoon deel van de beweging. Aan het einde van mijn studie heb ik mijn scriptie geschreven over Molukse drugsgebruikers en drugshulpverlening, omdat mijn vrienden betrokken waren bij de hulpverlening. Achteraf gezien kan je dus zeggen dat mijn betrokkenheid bij de Molukse gemeenschap via de Gerakan Pattimura en de vriendschappen die ik sloot, toen een onderdeel werd van het begin van mijn wetenschappelijke carrière. Mijn deelname aan Gerakan Pattimura, mijn netwerk toentertijd en mijn betrokkenheid bij mensenrechtenorganisaties als het gaat om Indonesië, dat heeft de push van mijn carrière gegeven. Mijn carrière is een soort vervolg op – en werd gevoed door – mijn actieve betrokkenheid.

U heeft veel waardevolle dekoloniale en sociale studies geleid en uw nog te ontsluiten archieven bij Museum Maluku staan eveneens vol met interessante notities en belangrijke kennis over en voor de Moluks-Nederlandse gemeenschap. Ondanks dat het als onderzoeker belangrijk is om objectief te blijven, kan ik mij voorstellen dat door uw onderdompeling in de Molukse cultuur – in zowel Nederland als op de Molukken – uw opvattingen, idealen of redenen voor verder onderzoek beïnvloed zijn geweest door uw affiniteit met de Molukse cultuur. In hoeverre denkt u dat uw groei als academicus beïnvloed is of samenvalt met de ontwikkeling van de Molukse gemeenschap in Nederland, of zelfs het dekolonisatieproces van de gemeenschap? Ziet u bijvoorbeeld verschillen in uw werken als relatief beginnend onderzoeker zoals “Uit de Schaduw (1989),” en uw vrij recente artikel over de Moluks-Nederlandse connectie met het moederland (2019)?

Eigenlijk is de vraag hier; “In hoeverre ben je ‘objectief’ of in ieder geval niet bevooroordeeld?” Wat vervolgens op twee manieren bekeken moet worden. Ten eerste; “Ben je ‘objectief’ als het gaat om de positie van Molukkers in Nederland?” En ten tweede; “In hoeverre ben je ‘objectief’ als je over de Molukse geschiedenis schrijft zonder dat je alles vanuit je oude Gerakan Pattimura bril interpreteert?” Ik denk dat ik me heel bewust van die vraag ben geweest waardoor ik bij elke bevraging of analyse bij wijze van spreken mijzelf in de spiegel aankijk en vraag of mijn empathie voor Molukkers een rol speelt in mijn analyse. Doordat ik constant met deze vraag bezig ben geweest, denk ik dat ik voldoende kritisch ben geweest in mijn carrière en zodoende ‘objectief’ ben gebleven in mijn analyses, maar dat kunnen anderen beter beantwoorden dan ik. Veel zelfreflectie zorgt er in dit geval voor dat je zo ‘objectief’ mogelijk kan blijven.

Daarnaast heeft die betrokkenheid ook een voordeel. Het feit dat ik actief betrokken was zorgde ervoor dat er deuren geopend werden tijdens bijvoorbeeld het onderzoek voor mijn proefschrift – waar ik met verschillende Molukkers met diverse politieke en ideologische standpunten sprak. Ondanks dat ik de Molukse gemeenschap binnen was gekomen via Gerakan Pattimura, met haar eigen politieke opvattingen, was ik voor mijn gesprekspartners een Nederlander die bereid was om samen te werken en opener was dan anderen.

Wat ik verder heel belangrijk vind in onderzoek, is te laten zien dat mensen agency hebben, dat mensen zelf kracht hebben. Ik denk dat het heel negatief is om alleen in het slachtofferschap te gaan zitten. Eerlijk gezegd vind ik dat ‘70 jaar Molukkers in Nederland’ te veel gedomineerd is door slachtofferschap. Je kunt denk ik vanuit het benoemen van de kracht van een gemeenschap ook laten zien waartegen zij hebben moeten vechten en daarmee de negatieve kant van het Nederlandse beleid tonen. Dat is misschien dezelfde intentie als waarom ik toentertijd lid ben geworden van Gerakan Pattimura, de kracht bij mensen zelf zoeken.

In 2006 schreef u samen met historicus Henk Smeets een van de standaardwerken over Molukkers in Nederland; “In Nederland Gebleven.” Terugkijkend op jullie schrijf- en onderzoeksprocessen en het uitgebreide werk wat daaruit voortvloeide, zijn er volgens u bepaalde ontwikkelingen of evenementen in de afgelopen 16 jaar geweest die nu absoluut toegevoegd zouden moeten worden aan een standaardwerk over Molukkers in Nederland zoals “In Nederland Gebleven”?

Het boek viel toentertijd onder verantwoordelijkheid van het Moluks Historisch Museum. Het onderzoeksproces wat daaraan voorafging was een proces waar veel jonge Molukse onderzoekers aan hebben bijgedragen. Daar zijn een aantal deelprojecten uit gekomen, waaruit het materiaal is meegenomen in “In Nederland Gebleven.” Het is dus belangrijk om te vermelden dat het overzichtswerk op de schouders staat van meerdere Molukse onderzoekers.

In 2006 hebben wij een redelijk volledige weergave van de geschiedenis en stand van zaken beschreven. In die zestien jaar die we nu verder zijn, zijn er dingen gebeurd die nu eigenlijk moeten worden toegevoegd. We hebben nu een uitgever gevonden die het interessant vindt om het boek opnieuw uit te geven en we moeten die zestien jaar erbij schrijven. Zo is er een nieuwe generatie aan het front gekomen die op andere manieren tegen bepaalde dingen aankijkt. Die generatiewisseling moet een duidelijk gezicht krijgen.

Wat ook verder moet worden beschreven is hoe de transnationale relaties zich hebben ontwikkeld. Zo wordt er veel meer op gelijke basis samengewerkt, in de zin dat de mensen op de Molukken veel mondiger zijn geworden en zich niet meer zomaar laten beïnvloeden door Molukkers uit Nederland. Zij stellen meer eisen en zijn daarnaast natuurlijk ook niet achtergebleven.

Ziet u dat ook als een vorm van agency?

Dat is zeker een vorm van agency. De ontwikkelingen van Molukkers in Nederland en op de Molukken hebben een eigen dynamiek en drijven eigenlijk een beetje uit elkaar. Met name op het vlak van politieke inzichten en onderlinge relaties. Als we kijken naar de slogan van de herdenking van 65 Molukkers in Nederland, dan was dat “Van Ver Gekomen.” Daar kun je uithalen dat werd benadrukt van hoever men was gekomen en dat men daar trots op was, zonder dat daarmee ontkent werd dat er dingen fout zijn gegaan, dat men zich belazerd voelde etc. Het ademde zoiets uit als ‘tegen de stroom in is dit bereikt’. Als je daarnaast kijkt naar de teneur van de herdenking van het afgelopen jaar – 2021, 70 jaar Molukkers in Nederland – dan staat ‘slachtofferschap’, ‘bedrog’, ‘excuses’ etc. centraal, daar zit veel minder kracht in. Het is een heel andere framing dan vijf jaar eerder.

Interessant is de vraag waarom dat zo gaat? Ik denk dat dat onder andere te maken heeft met maatschappelijke discussies. Die gaan over het slavernijverleden; Black Lives Matter en het opkomen voor je recht. Dit opkomen voor je recht kan ook op twee manieren. Onder het mom van; “Ik sta hier en wil erkend worden. Kijk wat ik allemaal al bereikt heb.” Daarnaast kan je zeggen; “Het enige wat jullie gedaan hebben is mij belazeren.” Dat zijn mechanismen die naar mijn mening meespelen. Het gevolg is dat men uit het oog verliest wat de eerste generatie allemaal gedaan heeft. Ik heb dat ook geschreven in een recensie van de televisie serie “Molukkers in Nederland” van Coen Verbraak. Daarin zagen we bijvoorbeeld niet de kracht van de gemeenschap. Een andere factor is denk ik de pandemie; iedereen zit in zijn eigen bubbel en met daarnaast social media die aan alles een andere dynamiek geeft.

Wat er over die zestien jaar geschreven moeten worden heeft ook te maken met dingen als identiteitsontwikkeling, de herdefinitie van de Molukse wijken en de veranderende transnationale relaties. Dat totaalpakket aan elementen is belangrijk om toe te voegen en door te trekken, omdat de tijd niet stil heeft gestaan.

Bent u ook van plan om in de tweede editie van “In Nederland Gebleven” ook weer jonge Molukse onderzoekers en hun studies te raadplegen of bij het proces te betrekken?

Er moet dus een hoofdstuk geschreven worden over die laatste zestien jaar. Om de continuïteit van het boek qua toonzetting te waarborgen zal ik dat doen. Maar het is onder andere gebaseerd op wat ik heb gezien en geobserveerd in samenwerking met jonge Molukse onderzoekers. Ik kan dit ook alleen maar schrijven omdat ik veel contact heb gehad met de gemeenschap.

In de panels bij mijn afscheid heb ik geprobeerd om een weerslag te geven van de mensen waarmee ik werk en gewerkt heb. Het zijn mensen uit verschillende hoeken en niet alleen met een wetenschappelijke achtergrond. Wat van mij ook een soort statement was om te laten zien dat ik een wetenschapper ben geworden uit activistische achtergrond. Don’t forget to connect.

Uw onderzoeksveld focust zich niet slechts op de Molukse eilanden maar beslaat in ieder geval de hele Indonesische archipel. Zo bent u sinds 2003 als projectcoördinator betrokken bij het “Recording the Future” project, geïnitieerd door het KITLV in samenwerking met LIPI en Offstream Films. Het hoofddoel van dit project is om een audiovisueel archief over het dagelijkse leven in Indonesië te creëren. Deze innovatieve en mogelijk onconventionele manier van onderzoeken brengen een vernieuwende, creatieve laag aan het concept onderzoeken binnen veel Westerse Sociale en Geesteswetenschappelijke disciplines. Hoe staat u tegenover onconventionele onderzoeksmethoden (voor de Westerse academische samenleving) en in hoeverre denkt u dat zulke methoden een plek kunnen claimen binnen de contouren van de Molukse cultuur en samenleving als onderzoeksobject?

Toen we het project begonnen waren mensen of voor of hartstikke tegen. Naarmate we langer doorgingen werden mensen positiever omdat we een archief van audiovisueel materiaal creëerden en mensen er de waarde ervan gingen inzien. Ik denk dat dit ook zeker mogelijk is qua onderzoek als het gaat om Molukkers. In feite is het “Verloren Banden” project van Jeftha Pattikawa een goed voorbeeld. Er zijn ongetwijfeld veel homevideos door Molukkers gemaakt tijdens begrafenissen, bruiloften en feesten. Het gebruiken van die found footage zou daarom een manier kunnen zijn om te kijken hoe bepaalde ontwikkelingen hebben plaatsgevonden.

Als je hebt over onconventionele onderzoeksmethoden zou je bijvoorbeeld kunnen nadenken over het houden van een serie interviews met jongeren en vervolgens vijf jaar later opnieuw houden met jongeren uit dezelfde leeftijdscategorie. Dat zegt iets over die temperatuur van de samenleving. Dit soort materiaal kun je plannen richting toekomst, maar je zou ook in de geschiedenis kunnen kijken mits je goed nadenkt over welke bronnen je gebruikt. Want er is best veel materiaal wat door Molukkers gemaakt is.

Er wordt binnen de Molukse gemeenschap ook gekeken naar verschillende manieren van kennisoverdracht. Bijvoorbeeld door middel van oral history. Hoe ziet u dat naast/tegenover/samen met Westerse academische historiografie?

Je hebt een verschil tussen oral history en orale tradities. Orale tradities zijn de oorsprongsverhalen van je clan/dorp/familie. Bij Oral history gaat het om bijvoorbeeld het interviewen van eerste generatie Molukse veteranen die over hun ervaringen in de periode ’45-’49 kunnen getuigen. Zij zijn er bijna niet meer. Een ander voorbeeld is het interviewen van de tweede generatie over wat zij meemaakten in de woonoorden. Die orale traditie kan heel interessant zijn als historische bron die heel veel zegt over de geschiedenis van een clan/dorp/familie. Tegenover die orale tradities moet je dan wel net zo kritisch staan ten opzichte van elke andere bron.

Het is belangrijk om je te realiseren dat zodra deze verhalen naar Nederland komen ze anders worden verteld. Dit omdat de vertellers hier anders geschoold zijn en anders hebben leren luisteren. Dat maakt het boeiend als historische bron, maar nogmaals je moet het ook kritisch beschouwen.

Mijn laatste vraag borduurt tot op zekere hoogte voort op de vorige vragen, in de zin dat het zich richt op de toekomst van de Molukse gemeenschap, (wetenschappelijk) onderzoek en het voortgaan op uw ervaringen. Bij Museum Maluku wordt er constant gemanoeuvreerd tussen het innemen van dekoloniale standpunten en het nadenken over het dekoloniseringsproces van de Molukse gemeenschap aan de ene kant, en het moeten werken binnen de structuren van een kapitalistische samenleving aan de andere kant. Hoe ziet u in de toekomst de rol van Museum Maluku voor u – samenwerkend met jonge Molukse onderzoekers (of met een affiniteit voor de Molukse cultuur) – in de educatie over de Molukse gemeenschap aan de gehele Nederlandse samenleving? Zijn er naar uw mening, onderbelichte onderwerpen die al langere tijd meer aandacht verdienen, of juist pas aan het licht zijn gekomen en nieuwe inzichten kunnen bieden?

Het spanningsveld waar je op manoeuvreert kan je ombouwen naar een soort kracht, of agency. Wat je bijvoorbeeld ziet gebeuren naar aanleiding van het grote onderzoek naar het Nederlandse geweld in Indonesië in de periode ’45-’49, is dat er een zwart-wit positie is ingenomen. Sommige mensen zeggen dat als je zegt dat er geweld is gebruikt, je ook zegt dat alle veteranen oorlogsmisdadigers zijn. Wat niet klopt. Het is belangrijk oog te hebben voor de nuance en niet in de verdediging te schieten vanwege je familiegeschiedenis. Als je dat doet dan blijf je steken in een framing van geschiedenis waar je niet uitkomt. Als je daarentegen figuurlijk het debat aangaat met je eigen geschiedenis, je eigen voorouders, hoe zij hun keuzes maakten, of dat überhaupt keuzes waren en binnen welke context deze gemaakt werden, dan leert je dat iets over koloniale verhoudingen en over hoe je eigen mindset gekoloniseerd geweest kan zijn. Wat ook helemaal geen probleem is, want dat was iedereen. Door daarvan te leren kan je daar misschien wel uitkomen.

Het heeft alles te maken met mijn antwoord op de tweede vraag: zelfreflectie is the way out. Waar ligt mijn bias? Waarom denk ik dit? Je bias als Molukker kan bijvoorbeeld liggen bij het feit dat je (over)grootvader KNIL militair was en je niet wilt horen dat daar iets fout is gegaan. Als je weet dat dat je bias is kan je ervoor open staan dat er wel dingen fout zijn gegaan, zonder dat je opa daar de schuldige van is. Dan kan je vervolgens de stap maken naar het dekoloniseren van je eigen mindset. Juist dat spanningsveld waar je op manoeuvreert en waar kritische zelfreflectie bij hoort zorgt ervoor dat je de volgende stap kan maken.

Daar is voor Museum Maluku op een heel specifieke manier een rol weggelegd. Namelijk om die discussie en dat gesprek over die geschiedenis met haar eigen achterban aan te gaan. In de jaren ’70 was er een linkse beweging die vraagtekens ging zetten bij de RMS. Dat was een groep jongeren die ging bepaalde boeken gingen lezen en in debat gingen met hun eigen geschiedenis. Door deze discussie met hun eigen geschiedenis konden ze reflecteren op hun eigen huidige standpunten tegenover de ontwikkelingen. Niet om het met terugwerkende kracht af te keuren, maar om te begrijpen waarom deze ontwikkelingen plaatsvonden. Zelfreflectie begint daarom bij vragen stellen aan en over jezelf, maar ook vragen stellen aan een ander en dus open staan om te luisteren naar wat anderen te vertellen hebben.

Tijdens mijn laatste reis naar Maluku bedacht ik me dat ik aan mensen op de Molukken nooit de vraag heb gesteld wat de Indonesische Revolusi in hun collective memory betekent? Wat leeft daarover op de Molukken? Dat zijn hele belangrijke vragen om de mindset van de mensen te begrijpen, zodat je ook de relatie met Jakarta kan begrijpen. Op het moment dat je dat daar vraagt zegt men; “De Revolusi dat was toch op Java en niet hier, onze geschiedenis was heel anders.” En dan hebben ze het niet eens over de RMS. Dan zie je opeens waar andere biases in onderzoeken en geschiedschrijving liggen, daar moet je rekening mee houden, de ervaring op de Molukken was anders dan elders in de periode ’45-‘49. Dit zijn discussies waar het Museum een belangrijke rol kan spelen. Ook door vragen te stellen aan mensen buiten de eigen bubbel, die kunnen helpen de vragen te formuleren. Op de lange termijn kan het Museum dan ook een rol spelen in educatie. Want als je niet eerst in discussie gaat met je eigen geschiedenis is dat nog niet mogelijk.

Met het vinden van nieuwe inzichten, waar jij naar vraagt, wordt eigenlijk gesuggereerd dat met het opvullen van lege plekken het verhaal afgesloten is. In werkelijkheid creëer je bij elk nieuw inzicht ergens anders weer lege plekken, omdat daar weer andere dingen zijn die we niet begrijpen. Dat is de dynamiek waarin je steeds moet blijven werken.

Afscheidslezing prof.dr. Fridus Steijlen, hoogleraar Molukse Migratie en Cultuur aan de Vrije Universiteit Amsterdam, leerstoel bij Museum Maluku

Afscheidslezing prof.dr. Fridus Steijlen

Lees meer


Vodcast: Molukse jongeren in de 90s, Museum Maluku

vodcast

Heb jij de vodcast: Molukse jongeren in de 90’s al gezien?

Lees meer

Lees verder

Afscheidslezing prof.dr. Fridus Steijlen, hoogleraar Molukse Migratie en Cultuur aan de Vrije Universiteit Amsterdam, leerstoel bij Museum Maluku

Afscheidslezing Prof. Dr. Fridus Steijlen

Afscheidslezing prof.dr. Fridus Steijlen

GESCHREVEN DOOR REDACTIE MHM OP 9 . GEPOST IN NIEUWS

“Maar nu eerst met pensioen.” Met deze woorden eindige prof.dr. Fridus Steijlen zijn afscheidslezing afgelopen donderdag 7 juli 2022. De lezing getiteld: Over barricades gesproken: Activisten, wetenschappers en bijstanders, sloot een goed gevuld programma af bestaande uit drie panelgesprekken.

Panelgesprekken 

De panelgesprekken focusten ieder op een andere invalshoek van het thema; Wetenschap en engagement: uitdaging en spanning. Een thema wat op zichzelf de rijke carrière van Steijlen beschrijft en werd geuit in de vormen van zijn benoeming tot eerste hoogleraar Molukse Migratie en Cultuur aan de Vrije Universiteit Amsterdam, een 25-jarige verbintenis met het KITLV en de positie als leerstoel bij Museum Maluku. De subthema’s van de panelgesprekken tekenden de persoonlijke en professionele karaktereigenschappen van Steijlen en lieten bovendien zien dat deze vaak door elkaar heen liepen.

Terugkerende termen in de gesprekken en daaropvolgende discussies waren dan ook betrokkenheid, zelfreflectie en agency. Steijlen’s wetenschappelijke loopbaan begon als gevolg van en werd gevoed door zijn betrokkenheid bij de Molukse gemeenschap in Nederland en zijn bewustwording van de gemeenschappelijke geschiedenis tussen de Molukkers en Nederlanders. Ondanks dat deze betrokkenheid je kritische blik als onderzoeker mogelijk kan ondermijnen, stelde Steijlen dat het eveneens deuren kan openen vanwege een open houding en een bereidheid om samen te werken. Inzichtelijke opmerkingen als “afstand nemen van oordelen,” het “luisteren naar en open staan voor verhalen” en “vanuit jezelf onderzoek blijven doen” waren derhalve belangrijke lessen om te trekken uit de afscheidslezing van de kersverse gepensioneerde onderzoeker. Diezelfde betrokkenheid werd daarom ook weerspiegeld in de verschillende leden van de panels die volgens Steijlen “een vertegenwoordiging zijn van mijn habitat.”

Zelfreflectie

Zelfreflectie kwam daarnaast in de discussies onder meer naar voren in hoe de betrokkenheid van een onderzoeker desalniettemin gewaarborgd moet en kan worden. Zo blijft er een ongelijke verdeling van de macht als het gaat om de vraag wat er onderzocht mag worden. Ook al is activisme hierin vaak een initiator, de kloof tussen activisme en wetenschap blijft aanwezig doordat de eerste als te emotioneel wordt beschouwd. Daarnaast ontstond de vraag in hoeverre neutraliteit gewenst is voor een onderzoeker ten opzichte van het onderzoeksobject. Zelfreflectie is volgens Steijlen een absolute voorwaarde om onderzoek te doen. Het bevragen van je eigen persoonlijke bias is daar eveneens een onderdeel van. Door jezelf als onderzoeker af te vragen waar jouw persoonlijke bias ligt, leer je iets over koloniale verhoudingen en hoe je eigen mindset gekoloniseerd kan zijn. Een belangrijkste stap in ieders individuele dekolonisatieproces.

Het creëren van agency

Het dekolonisatieproces is daarnaast ook gelinkt aan de term agency; de eigen kracht van een gemeenschap waar Steijlen in zijn onderzoek geregeld naar opzoek gaat. Voor de Molukse samenleving in Nederland stelt de emeritus hoogleraar “dat je vanuit het benoemen van de kracht van de gemeenschap kunt laten zien waartegen zij hebben moeten vechten, en daarmee tegelijkertijd de negatieve kant van het Nederlandse beleid kan tonen.” In de paneldiscussies kwam agency daarnaast aan bod in de verschillende manieren waarop activisme tot uiting komt en ingezet kan worden. De Molukse gemeenschap creëert haar agency door in hun activisme door de jaren heen, maar zeker ook tegenwoordig in hun eigen kracht te staan.

Bapak Fridus, zoals directeur Henry Timisela prof.dr. Steijlen noemde in zijn speech, vertelde hoe hij als gevolg van zijn betrokkenheid en strijd voor agency door menig Molukker beschouwd werd als witte Molukker en hoe ongemakkelijk hem dit maakte door de privileges die hem hielpen in zijn werkzaamheden voor de Molukse gemeenschap. Precies deze zelfreflectie en kennis van eigen privileges, vooroordelen, maar ook kracht, zijn elementen die wij als Museum Maluku en onze visie op het dekolonisatieproces enorm belangrijk vinden. Deze termen die daarom tijdens het gehele afscheidsprogramma naar boven dreven, kunnen wij alleen maar als waardevolle lessen meenemen in onze toekomstige plannen. Prof.dr./Bapak Fridus Steijlen, dankjewel voor je betrokkenheid en kennis voor de Molukse gemeenschap. Jouw belangrijke stem in het dekolonisatiedebat zullen veel jonge onderzoekers inspireren om op je werk voort te borduren.

VODCAST: MOLUKSE JONGEREN IN DE 90’S

Lees meer


NU TE ZIEN: ONS LAND

Een tentoonstelling over de Nederlandse koloniale geschiedenis in de Oost en hoe die nog altijd doorwerkt.

Lees meer

Maju Mundur, Duo Interviews, Museum Maluku

Maju Mundur: het concept

Maju Mundur: het concept 

GESCHREVEN DOOR REDACTIE MHM OP 29 juni 2022. GEPOST IN NIEUWS

Na de zomer van 2021 zijn wij als Museum Maluku begonnen met het online zetten van ‘Maju Mundur – Duo Interviews’. Het concept? Twee personen op een bankje die in gesprek gaan over een Moluks kunst- of cultuurobject. Dat klinkt misschien eenvoudig, maar het idee erachter is alles behalve simpel. In de maand augustus start de tweede serie, met nieuwe personen, nieuwe objecten en een vernieuwde opzet. Wat ons betreft een mooi moment om nu iets dieper in te gaan op het concept Maju Mundur.

Het idee achter Maju Mundur – Duo Interviews

De setting van Maju Mundur is niet onopvallend. In een lege ruimte staan een museumbank en een sokkel. Op de sokkel staat een Moluks kunst- of cultuurobject geëtaleerd. Twee bezoekers nemen plaats op de museumbank, met hun rug naar de camera toe. Als kijker kijk je letterlijk mee over de schouders van deze personen, terwijl zij een gesprek voeren over het Molukse cultuurobject of over het werk van een Molukse kunstenaar.

Tijdens de eerste afleveringen gingen de gesprekken alle kanten op. Centraal in de serie staan namelijk zowel ‘oude’ als ‘nieuwe’ Molukse objecten. Maar wanneer is een object eigenlijk Moluks? En komen die Molukse objecten wel van Maluku? Waarom zijn deze objecten belangrijk, of waarom juist niet (meer)?

Tijdens de afleveringen worden er herinneringen opgehaald en wordt er over de herkomst van de objecten gespeculeerd. Ook wordt er nagedacht over de toekomst van bepaalde objecten. Er wordt door de duo’s gesproken over de Molukse cultuur en identiteit en er worden vragen gesteld, die lang niet allemaal worden beantwoord. 

Vooruit, achteruit

Maju Mundur: vrij vertaald ‘vooruit, achteruit’. Praten over de toekomst door het verleden te durven bevragen. Voor ons als museum is het een must om een safe space te creëren waarin deze onderwerpen vrij besproken kunnen worden, ongeacht iemands kennis, afkomst of leeftijd. Het gesprek aanjagen door middel van een laagdrempelige conversatie, waarin vragen gesteld en verhalen verteld mogen worden. 

LEES VERDER ONDER DE FOTO’S
  • Serie #2

  • Serie #2

  • Serie #2

De opzet van de video’s zullen in de toekomst iets anders zijn. Vanaf de tweede serie bestaat elke video uit gesprekken van meerdere duo’s over hetzelfde object. In elke video staat het object dus centraal. In de maand juli starten we met het online zetten van de nieuwste serie op ons YouTube-kanaal. Tot die tijd kan je genieten van de eerste serie, die we hebben geplaatst in een Youtube-playlist. Stay tuned en houd onze socials in de gaten!

Check hier aflevering 8 – serie #1

Klik hier


VODCAST: Molukse jongeren in de 90’s

Klik hier

Lees verder

Column, Henry Timisela, Op de helft van 2022

Op de helft van 2022

Op de helft van 2022

GESCHREVEN DOOR Henry Timisela OP 27 juni 2022. GEPOST IN NIEUWS

Het eerste half jaar van 2022 is voorbij gevlogen en we hebben niet stil gezeten. Allereerst bedank ik alle nieuwe vrienden die zich online hebben aangemeld. Met jouw digitale ledenpas heb je in elk geval gratis toegang tot onze tentoonstellingen in Museum Sophiahof te Den Haag. Dank voor de support om ons werk als museum mogelijk te maken. Ook krijg ik van nieuwe vrienden vaak dezelfde vragen over waar wij vandaan komen als organisatie, wat wij als nou precies doen en wat de plannen zijn voor de komende periode. Hier volgt mijn antwoord.

Collectie top 100

In 2012 moest ons museumgebouw in Utrecht de deuren noodgedwongen sluiten. De museumcollectie is sindsdien opgeslagen in een tweetal veilige locaties, maar nooit meer aangeraakt geweest. Hier moet figuurlijk de bezem doorheen gehaald worden. Wellicht ook letterlijk. Dat houdt in dat de collectie centraal samengebracht, uitgepakt en opnieuw geïnventariseerd moet worden. Afstoten van objecten zal dan ook aan de orde komen. Ik heb mij ten doel gesteld om een collectie top 100 samen te stellen. Aan de hand van deze objecten vertellen wij als Museum Maluku het Molukse verhaal vanuit meerdere invalshoeken. Ondertussen groeit de museumcollectie ook door schenkingen. 

Verbinden & samenwerken

In het licht van het Nederlands koloniaal- en slavernijverleden, en de belangrijke rol die de Molukken daarin hebben gespeeld, voelt Museum Maluku zich geroepen om vanuit de collectie na te denken over de hierbij behorende ethische en actuele kwesties. Met name de doorwerking van dat verleden in de huidige samenleving. Als instituut onderzoeken wij hoe deze te verbinden met de eigen collectie, door bijvoorbeeld jonge kunstenaars met een Molukse achtergrond hierop te laten reflecteren. En zoeken wij samenwerkingen met andere musea zoals bijvoorbeeld ook Beeld en Geluid in Hilversum, waar onder andere gedigitaliseerde media centraal staan. 

Videocontent & archeologisch onderzoek

De afgelopen periode hebben wij videocontent geproduceerd zoals Molukse jongeren in de 90’s en de museale videoserie Maju Mundur. In samenwerking met de website Molukserfgoed.com is het project Wyldemerck gestart, waarin oud-bewoners op een archeologische wijze op zoek gaan naar hun inmiddels verdwenen woonoord. Zoals eerder gezegd bereiden wij nu een kunstproject voor met Molukse jongeren van de 4e generatie, maar daarover later meer. En er hebben zich via social media veel vrijwilligers aangemeld om aan de slag te gaan met de museumcollectie. 

Zoals ik in het begin zei, we hebben niet stil gezeten. En het werk gaat door, met jouw support. De zomervakantie staat voor de deur en ik wens je daarom hele mooie en zonnige dagen toe. 

Tot ziens! 


Column: SAMEN ZOEKEN NAAR BARAKKEN

Molukserfgoed.com met oud-bewoners van woonoord de Wyldemerck gingen op veldinspectie. Conservator Huib Akihary was mee en doet verslag. 

Lees meer


MAJU MUNDUR

In de serie Maju Mundur nemen verschillende duo’s met Molukse roots plaats tegenover een kunst- of cultuurobject. 

Lees meer

Wyldemerck, veldinspectie, groepsfoto

Samen zoeken naar barakken

Samen zoeken naar barakken

GESCHREVEN DOOR HUIB AKIHARY OP . GEPOST IN NIEUWS

Op zaterdag 11 juni reed een bus vol met oud-bewoners van woonoord de Wyldemerck vanuit Waalwijk, via Ridderkerk naar Friesland. Zij reisden af naar de plek in de bossen waar in de jaren 50 en 60 het woonoord lag, 4 km ten westen van het dorp Balk. Het doel van de dag was een veldinspectie. Conservator Huib Akihary was mee en doet een kort verslag. 

MuMa met oud-bewoners het bos in

Zaterdag 11 juni. Ik zit in een bus met oud-bewoners van kamp de Wyldemerck. Vanochtend heel vroeg is de bus vertrokken uit Waalwijk en via Ridderkerk rijden we langs het Friese dorp Balk op weg naar de plek waar vroeger het Islamitische woonoord de Wyldemerck lag. “Oh kijk daar de Luts liggen! Daar gingen we vaak naar toe. En daar woonde boer Poepjes”, wordt er geroepen. Er heerst een opgewonden stemming in de bus. Het voelt als een schoolreisje maar we gaan vandaag daadwerkelijk op onderzoek uit. Een echte veldinspectie doen.

Die veldinspectie houdt in dat oud-bewoners het Wyldemerck-bos in gaan. Bepakt met jalonstokken, piketpaaltjes, sporenkaartjes, pijlkaarten en een mobieltje, gaan ze op zoek naar sporen van het kamp. Op zoek naar hun eigen woonbarak, de speelplaats, de moskee en minaret of die boom waarin een naam gekerfd staat.

De resultaten en bevindingen van deze veldinspectie in woonoord de Wyldemerck werden een week later in Museum Sophiahof met de deelnemers besproken. Het terugvinden van de juiste locatie van de moskee vond men heel bijzonder en waardevol, evenals het weer voor het eerst terug zijn bij de plek van de eigen woonbarak na zoveel jaren. Opvallend was dat veel deelnemers het kamp klein vonden. In hun herinnering dachten ze dat het veel groter zou zijn.

Vraag Staatsbosbeheer

Het bos Wyldemerck is in eigendom van Staatsbosbeheer. Die koestert al jaren de wens om meer met de geschiedenis van het terrein te doen. Het is erfgoed, zo u wilt Moluks erfgoed vanwege de jarenlange Molukse bewoning. Wat is dat erfgoed? Hoe maken we dat erfgoed zichtbaar? Wat gaat we daar mee doen? Het antwoord moet komen vanuit de Molukse gemeenschap.

Dit leidde begin dit jaar tot de start van het archeologieproject ‘Wyldemerck, samen zoeken naar barakken in de bossen’. Bijzonder is dat in dit project samen met oud-bewoners en familie onderzoek gedaan wordt naar de Wyldmerck; naar de sporen, de verhalen en de betekenis van dit voormalig islamitische woonoord in de gemeente Fryske Marren. Museum Maluku is partner in dit project en treedt op als gastheer voor de bijeenkomsten in Museum Sophiahof.

Het museum is zeer blij met dit archeologieproject. Het stimuleert niet alleen mensen bezig te zijn met hun eigen geschiedenis en die vorm en inhoud te geven, maar oud-bewoners worden ook actief betrokken bij het project, nemen er fysiek deel aan en bepalen zelf de inhoud. Het moet resulteren in dat zij zelf een antwoord formuleren op de vraag van Staatsbosbeheer.

Zaterdag 2 juli volgt de bijeenkomst waarin uitleg wordt gegeven hoe onderzoek te doen naar digitale en geschreven en gedrukte bronnen. Wordt vervolgd…

Project Wyldemerck

In samenspraak met oud-bewoners, hun kinderen en kleinkinderen en wordt er onderzoek gedaan naar het woonoord de Wyldemerck in Friesland.

Lees meer


Vodcast: Molukse jongeren in de 90’s

Derde en vierde generatie Molukkers delen verhalen, gedachten en ervaringen over de jaren 90.

Lees meer

Kaja Sariwating neemt afscheid als bestuursvoorzitter MHM

Kaja Sariwating neemt na 4 jaar afscheid als bestuursvoorzitter van het Moluks Historisch Museum. Zijn visie, persoonlijke betrokkenheid en bestuurlijke kwaliteiten hebben sterk bijgedragen aan het huidige MHM. MHM is hem dan ook dankbaar voor zijn jarenlange inzet en zal later dit jaar passend afscheid van hem nemen.

Onder zijn voorzitterschap is het MHM sterk geprofessionaliseerd. Zo is het bureau sterk verjongd en uitgebreid, is MHM verschillende samenwerkingen aangegaan – bijvoorbeeld met Molukse makers, het Landelijk Moluks Monument en het Indisch Herinneringscentrum – en is het bestaansrecht van de stichting voor de komende jaren gegarandeerd door meerjarensubsidies. Daarmee is het MHM uitgegroeid tot hét loket voor alle vragen over Moluks cultureel erfgoed. MHM maakt inmiddels kennis over de geschiedenis, kunst, cultuur en ontwikkeling van Molukkers toegankelijk voor een breed publiek in en buiten Nederland. Voorts is MHM zich naast kennis ook gaan richten om de vele lokale initiatieven in de Molukse gemeenschap een platform te bieden en coördineerde vorig jaar het indrukwekkende programma rond 70 jaar Molukkers in Nederland.

Onder het voorzitterschap van Kaja is het bureau van MHM uitgegroeid van één betaalde kracht tot een compleet team bestaande uit enthousiaste en deskundige professionals met veelal een Molukse achtergrond. “Met het huidige bureau is er niet alleen beweging, maar ook veel diepgang toegevoegd. Ik heb er alle vertrouwen in dat deze Molukse professionals onder leiding van Henry Timisela de organisatie nog veel verder gaan brengen de komende jaren”, aldus Kaja. Daarnaast was Kaja nauw betrokken bij de samenwerking met het Landelijk Moluks Monument, de aanstelling van directeur Henry Timisela en de ronde tafel van de Collectieve Erkenning van Indisch en dan vooral Moluks Nederland.

Formeel zal Kaja het voorzitterschap per 1 augustus a.s. overdragen. Het bestuur van MHM zal vanaf dan bestaan uit een nog te werven voorzitter, secretaris Joan Hoexum, penningmeester Ruud Van Gessel, bestuursleden Sara Taihuttu en Lydia Sahetapy-Engel en een nog te werven zesde bestuurslid.

Kaja werd in mei 2018 benoemd als bestuurslid en vice-voorzitter. Hij volgde in 2019 Glenn Haulussy op als bestuursvoorzitter. 

Zilveren bestek met ‘Mena-Moeria’-logo, ir. J.A. Manusama, schenkingen, Museum Maluku

Collectie gevormd door schenkingen

Collectie gevormd door schenkingen

GESCHREVEN DOOR HUIB AKIHARY OP 23 MEI 2022. GEPOST IN NIEUWS

Een doos betamax videobanden met opnames van muziek en dansen uit de jaren ‘80 op Tanimbar. Zilveren bestek met ‘Mena-Moeria’-logo van ir. J.A. Manusama, president in ballingschap van de RMS. Een dertigtal wetenschappelijke antropologische publicaties over de Molukken. Een kruidnagelbootje en een fotoalbum van de familie Pasanea – Platenkamp. Dit is een korte opsomming van schenkingen die Museum Maluku in de afgelopen periode heeft mogen ontvangen. Al deze schenkingen zijn opgenomen in de collectie van Museum Maluku en dat gebeurt al sinds de opening van het museum in 1989.

SCHENKINGEN

Wanneer een schenking wordt opgenomen in de collectie wordt deze onderdeel van het grote museale Molukse erfgoed. Daarmee zijn de schenkingen voor de toekomst veiliggesteld. De taak van ons museum is om dit erfgoed met grote zorg te beheren voor komende generaties. Die zorg boden we in het verleden en dat zullen we ook nu én in de toekomst blijven doen. Onze collectie is groot en divers. Hoofdzakelijk is de collectie gevormd door schenkingen uit met name onze eigen Molukse gemeenschap; onder andere gebruiksvoorwerpen, kleding, eremedailles, meubilair, en legerkisten, maar ook persoonlijke archieven van Molukse leiders en Molukse instellingen.

  • Cengkehbootje

  • Zilveren bestek met Mena-Moeria

Sinds de sluiting van het museumpand in Utrecht (2012) ligt de gehele collectie opgeslagen op twee locaties. Hierdoor is de museumcollectie op dit moment (nog) niet zichtbaar op onze locatie in Den Haag. Maar niet zichtbaar wil geenszins zeggen dat de collectie er niet meer is. We krijgen zo nu en dan de vraag waar een schenking is gebleven. De vraag om teruggave van de schenking wordt ons ook wel eens gesteld omdat de collectie niet zichtbaar is. Uiteraard begrijpen we de vraag, maar u kunt er zeker van zijn dat wij er alles aan doen om de museumcollectie binnenkort weer voor iedereen toegankelijk te maken. Eerder schreef directeur Henry Timisela al in zijn column dat in 2022 de collectie het speerpunt is en de museale werkzaamheden daar geheel op worden afgestemd.

Museumcollectie speerpunt in 2022

Wat betekent dat concreet? Museum Maluku zal zich richten op vijf punten: 

  • Uitpakken van de gehele museumcollectie;
  • Controleren van de fysieke staat van de objecten en deelcollecties;
  • Controleren en updaten van oude registratiedata in nieuw museum-registratiesysteem;
  • Digitaliseren van grote delen van de collectie;
  • Zichtbaar maken van de collectie.

Het uitpakken van de museumcollectie zal plaatsvinden in het nieuwe museumdepot van Museum Maluku. Controleren van de fysieke staat van de collectie is hard nodig na jaren van opslag. In september zal het museum een nieuw collectie-registratiesysteem in gebruik gaan nemen. Deels zal dit systeem ook toegankelijk worden voor publiek. Daarnaast kan het museum participeren in enkele grote projecten waarmee de collectie gedigitaliseerd kan worden volgens de laatste kwaliteitseisen en normen. Daarmee kunnen we de collectie online toegankelijker en zichtbaarder maken.

Bruikleen wordt schenking

Vorig jaar was de wisselexpositie IKAT te zien in Museum Sophiahof, de locatie waar Museum Maluku gevestigd is. Deze expositie is nu gratis online te bezoeken. In het zevende en laatste deel van IKAT – Rituelen rondom het huwelijk – waren twee borden van bladgoud te zien. Deze objecten kwamen niet uit de eigen museumcollectie. De twee borden waren speciaal voor de expositie in bruikleen gevraagd. Eén bord was een bruikleen van het Museum van Wereldculturen uit Leiden, de ander een particuliere bruikleen uit Amsterdam.

  • Piring mas

  • Piring mas

De particuliere bruikleengeefster heeft te kennen gegeven dat zij het gouden bord, ofwel de piring mas, aan de Molukse gemeenschap wil geven. Zij wil de bruikleen omzetten in een schenking aan het museum. Museum Maluku is in haar ogen de meest geschikte instelling voor het behoud van Moluks erfgoed. Wij zijn bijzonder blij met deze bijzondere schenking. Net als alle andere schenkingen zal ook de Piring Mas opgenomen worden in onze museumcollectie.

Huib Akihary
Conservator

Collectie

De collectie van Museum Maluku is op dit moment opgeslagen in een aantal depots. 

Lees meer


PUBLIC PROG.

Wil je kennismaken met of je juist nog meer verdiepen in de Molukse geschiedenis, de kunsten en cultuur? Check onze programmering. 

Lees meer


Column, het belang van de vierde generatie, behind the scenes, 90s vodcast

Het belang van de vierde generatie

Het belang van de vierde generatie

GESCHREVEN DOOR Miguell Kaidel OP 29 april 2022. GEPOST IN NIEUWS

Een jaar geleden keek ik met een dubbel gevoel naar de documentaire ‘Molukkers in Nederland’ van Coen Verbraak. Ja, eindelijk werd ons verhaal een beetje zichtbaar voor het grote publiek. Maar lichtelijk verbaasd zag ik dat de jongste van de veertien geïnterviewde personen destijds 42 jaar oud was.

Dat de stem van de Molukse jongeren niet altijd serieus genomen wordt is geen onbekend fenomeen. Er wordt vaak over, maar niet mét Molukse jongeren gesproken. Tijdens onze redactievergaderingen bij Museum Maluku is het betrekken van de Molukse jongeren, en dan met name de vierde generatie dan ook een speerpunt geworden. 

Niet over, maar mét Molukse jongeren

In de afleveringen van onze serie Maju Mundur – Duo Interviews’ nemen veelal jongeren plaats op ons museumbankje. In deze setting bekijken en bespreken zij Molukse cultuurobjecten en kunstwerken. Tijdens de aankomende video-podcast over Molukse jongeren in de jaren ‘90 gaan jongeren van de vierde generatie juist in gesprek met de derde generatie. Daarnaast zijn we als redactie op de achtergrond bezig met een project waarin de vierde generatie centraal zal komen te staan.

Een ander interessant project is ons event ‘De impact van Pattimura’ tijdens Hari Pattimura op 15 mei. Op die dag staan Molukkers wereldwijd namelijk stil bij het leven van Pattimura, die in de 19e eeuw de opstand tegen de Nederlandse bezetting leidde. Museum Maluku zal op eigen wijze invulling geven aan deze dag. Naast Molukse historici zullen ook jongeren deelnemen aan het panelgesprek over Pattimura. Als redactie willen we namelijk voorkomen dat er niet alleen over, maar ook mét Molukse jongeren wordt gesproken.

Het belang van het betrekken van Molukse jongeren spreekt naar mijn inzicht voor zich. Zoals dat gaat tussen verschillende generaties bekijken jongeren de geschiedenis, maar vooral ook de toekomst op een andere manier. Tijdens de eerder genoemde videopodcast wordt bijvoorbeeld besproken in welk opzicht de Molukse gemeenschap in Nederland sinds de jaren ‘90 is veranderd. Al deze veranderingen dragen namelijk bij aan hoe verschillende generaties Molukkers naar de Molukse gemeenschap en de Nederlandse maatschappij kijken, en hoe hun wereldbeeld door de jaren heen is veranderd.

Vertrouwd & verfrissend

Tijdens het schrijven over deze ontwikkelingen bij Museum Maluku bedenk ik me dat ik de afgelopen week nog heb gezien hoe het ook kan. Het tegenovergestelde van de opzet van de Coen Verbraak-docu speelde zich af op 25 april in de RAI. Niet in de hoofdzaal, maar juist in een bomvolle tweede zaal stond een Molukse zangeres van de vierde generatie te schitteren. Haar naam: Intan Joseph.

Of de menigte zich bewust was van het feit dat dit Intan haar eerste optreden als solo-artiest was betwijfel ik. Intan begon en eindigde haar optreden met Molukse klassiekers. Tussendoor zong ze haar eigen uitgebrachte nummers en het werkte, want de zaal ging compleet uit z’n dak. Intan haar optreden voelde vertrouwd en was verfrissend tegelijk. Precies die combinatie omarm ik als redactielid van Museum Maluku.

Redactie
Miguell Kaidel

Nu te zien: Ons Land

Een tentoonstelling over de Nederlandse koloniale geschiedenis in de Oost en hoe die nog altijd doorwerkt.

Lees meer


Column: Daglicht na jaren…

Heb je de column van junior conservator Reïnda Hully al gelezen? 

Lees meer

De impact van Pattimura, Hari Pattimura, Public Prog., Museum Maluku

De impact van Pattimura

De impact van Pattimura

GESCHREVEN DOOR REDACTIE OP 15. GEPOST IN NIEUWS

Op zondag 15 mei – Hari Pattimura – organiseert Museum Maluku het panelgesprek De impact van Pattimura in Museum Sophiahof. Verschillende generaties gaan in gesprek. Wie was Thomas Matulessy, beter bekend als (kapitan) Pattimura? Welke impact heeft hij gehad? Hoe kijkt de jongere generatie Molukkers naar Pattimura?

Met elkaar in gesprek 

Tijdens deze middag gaan 3e en 4e generatie met elkaar in gesprek om hun gedachten te wisselen over de impact van Pattimura. Traditional storyteller & sejarawan Ridhwan Ohorella neemt je op bijzondere wijze mee in een verhaal van Pattimura. Vervolgens zal host Miguell Kaidel met de panelleden dieper ingaan op het verhaal van Pattimura en de opstanden. Wat was destijds de impact van Pattimura? En hoe resoneert het verhaal van Pattimura nu? Luister daarnaast ook naar de poems van spoken word artist Gloria Lappya. 

Programma & gasten 

Het programma van De impact van Pattimura duurt van 14:00 tot 16:30 uur. In het eerste gesprek gaat host Miguell Kaidel in gesprek met junior conservator Reïnda Hully, traditional storyteller & sejarawan Ridhwan Ohorella en historicus Wim Manuhutu. In het tweede gesprek schuiven Noah Fanoembi (ambassadeur voor Tanimbar in Nederland), Kai Maipauw (transdisciplinair kunstenaar) en Charissa Leiwakabessy (researcher) aan.

Inloop: 13.30 uur 
Start programma: 14.00 uur 
Uitloop: 16.30 uur

Tickets 

Zien wij jou zondag 15 mei? Een ticket kost € 7,50. Dit is incl. koffie/thee en bezoek aan ONS LAND. Bestel hier je ticket(s).

PLAN JE BEZOEK

Het museum is dinsdag t/m zondag van 11.00 – 17.00 uur geopend.

Lees meer


Nu te zien: Ons Land

Een tentoonstelling over de Nederlandse koloniale geschiedenis in de Oost en hoe die nog altijd doorwerkt.

Lees meer

Nieuwsbrief

Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief en blijf op de hoogte van alle ontwikkelingen van Museum Maluku.

Sophialaan 10, 2514 JR Den Haag
070-2005065
info@museum-maluku.nl